membre du passiflora:  

HISTORIE

 

De geschiedenis van Renault in vogelvlucht

     
   
 
volg ons op:

Renaultoloog

Homepage

De Renaultoloog

Nieuwsbrief
Festival 2012
Festival 2014

Renaultrijders

Evenementen
Clubs & Hobbyisten
Club nieuws
Miniatura

Modelbouw

Miniaturen

Verzameling

Online shop

Renault - produkten

Renault nieuws

Historie

Auto's

Bedrijfswagens

Personenvervoer

Landbouw

Treinen

Luchtvaart

2-& 3-wielers

Scheepvaart

Oorlogsmaterieel

Conceptcars

Design

Renault - autosport

Formule 1

Parijs - Dakar

Truckracing

Toerwagens

Cupracers

Formules & GP's

Rally

Recordwagens

Overige sporten

Renault - overige

Aparte Renaults

Extreme machines

Bedrijven

Logo's & Huisstijl

Reclame

Veiligheid

Milieu

Weetjes & Feiten

Samenwerking

Films & Series

Prijzenkast

Links

Links

Losange Magazine
Renault "R-serie"
Festival fotoalbum
Fotoalbums

Contact

E-mail

Gastenboek

Forum

Overige

Adverteren

Bronvermelding

Disclaimer

Bedankt!
Official partners:
Renault dealer Janssen
 
Nebim B.V.
 
Dijkstra & Langeweg, Rutten
 

Dé site met AL het Renault nieuws!

Hier adverteren?

Mail naar de Renaultoloog of klik hier voor meer info

 

 

Er was eens.... tja, Louis Renault was de oprichter van het automerk Renault. Hij werd in 1877 geboren in Billancourt aan de Seine in Parijs. In een kleine garage in de tuin van zijn ouderlijk huis maakte hij op 21-jarige leeftijd zijn eerste automobiel. Het was kerstavond 1898 toen Louis voor het eerst een demonstratierit maakte en noteerde meteen daarna 12 bestellingen en de productie kon beginnen. Samen met 2 van zijn broers (Marcel en Fernand) richte hij de Renault-Frères op. In de eerste helft van 1899 werden al 80 auto’s gemaakt. De beste manier om reclame te maken voor je auto’s was door mee te doen aan races en deze proberen te winnen. Van 1899 tot 1903 lukte dit zeer goed. Verkopen stegen. Helaas ook het noodlot omdat Marcel Renault in 1903 verongelukte tijdens een race.


De werkplaats waar Louis Renault begon

De eerste auto:Voiturette type A

Fabriek Renault Frères

De fabriek groeide, er kwamen meer types en uitvoeringen, verschillende motoren en Renault presenteerde zich op diverse tentoonstellingen. Naast personenauto’s ging Renault ook taxi’s maken. Vanaf 1906 werd begonnen met de productie van vrachtauto’s, bussen en 4x4 voertuigen, veel werd  afgenomen door het Franse leger.

Renault's eerste races

FT-tanks voor WOI en WOII

Renault dealer jaren 20

Tijdens WO I produceerde Renault tanks die later als basis dienden voor de tractoren. De eerste tractoren stammen uit 1919.  Vanaf 1930 produceerde Renault ook dieselmotoren. Renault verbrak regelmatig snelheidsrecords, ging sinds de jaren 30 steeds meer luxere auto’s maken totdat de fabriek in WO II  grotendeels verwoest werd. Renault leverde luchtvaartmotoren aan Caudron in WO2. Louis Renault werd tijdens de oorlog wegens collaboratie met de Duitsers gevangen genomen en kwam daar door mysterieuze redenen om het leven. Na de oorlog nam de Franse regering de leiding over van de fabriek, die voortaan Regie Nationale des Usines Renault heette. Wel werd door Louis Renault in 1942 nog de basis gelegd voor de 4CV, die min of meer stiekem ontworpen en getest werd door enkele van zijn arbeiders. In 1946 kwam deze in productie en was het begin van een nieuwe Renault periode. Alle Renaults hadden als type aanduiding cijfers of namen. Wederom werd er met races en rally’s meegedaan, zoals Monte Carlo.

Eerste na-oorlogs studiemodel, de 4cv Alpine bracht Renault race en rally successen Renault Frégate

In de loop der tijd voegden andere merken of ontwerpers zich bij Renault. Merken als Berliet, Latil en Mack horen bij de historie van Renault, maar ook namen als Gordini en Alpine komen regelmatig terug.

Renault is voor een groot deel eigenaar van Mack

Renault Formule 1

Kangoo en Master

Vanaf 1977 werd voor het eerst in het formule 1 avontuur meegegaan. Geheel als eigen team werd meegeracet tot en met 1986, met een 2e plaats bij de constructeurs in 1983. In die periode leverde Renault hun V6 turbo motoren ook aan Lotus en Tyrrell. Van 1992 tot en met 1997 was de Renault F1 motor succesvol bij Williams en Benetton en werd 6 maal wereldkampioen. Sinds 2001 doet Renault weer mee in de formule 1 en probeert nu wel het kampioenschap voor constructeurs te behalen.

Bij de tractoren veranderde de standaard rode kleur begin 1981 in het tot heden gebruikte oranje-oker. Sinds 2003 is Claas voor 80% eigenaar van de aandelen van Renault-agriculture en in 2008 voor 100% en zullen Renault tractoren in veel landen als Claas verkocht gaan worden. Wel worden de type-aanduidingen gehandhaafd.

Oker kleur voor Renault tractoren na 1980 Magnum met Mack motor Een passende Renault voor iedereen

Renault is ook voor een groot deel eigenaar van Nissan motors, levert bestelwagens aan General Motors, de Midlum vrachtwagencabine aan DAF, gebruikt Renault John Deere-motoren in hun tractoren en Mack-motoren in de Magnum vrachtwagens. Volvo heeft een meerderheidsbelang in Renault Trucks, Renault Trucks heeft weer een groot deel van de aandelen van het Finse Sisu. Al met al een heel verhaal van een merk dat in feite maar 1 doel had en nog heeft: voor ieder een passend voertuig maken. De grote verscheidenheid in producten fascineert mij en ik zal nu de diverse groepen uiteen zetten, te beginnen met de auto’s.


Wordt aan gewerkt: nieuwe stamboompagina!

Louis Renault: zijn leven en werk

Louis Renault werd op 12 februari 1877 geboren als vierde van de zes kinderen van Alfred en Berthe Renault. Zijn vader voorzag in het levensonderhoud van het gezin middels de productie en verkoop van linnengoed en knopen. Louis ontwikkelt al snel een voorkeur voor techniek. In 1888, net elf jaar oud, heeft de jonge Louis al elektrisch licht op zijn kamer! Hij bedacht een systeem met kabels, tinplaten van een accu en een zuurbad om stroom op te kunnen wekken. Maar de jonge Louis Renault verzet zich in alles tegen zijn bestemming in het leven. Sterker nog; hij heeft een hekel aan het aardse bestaan en is mensenschuw. Alleen zijn grote liefde en hartstocht voor machines kunnen hem motiveren. Alleen met de handen in het smeervet is het leven dragelijk voor hem. Zijn opvoeding loopt niet echt volgens de bedoeling van zijn ouders Alfred en Berthe. Uiteindelijk moesten ze erkennen dat hij veel voordeel heeft gehad van het spijbelen op school! Alleen al het feit dat hij op zijn elfde een accu maakte, maar ook dat hij zich op zijn twaalfde verstopte in een kolentender van de stoomtrein Parijs–Rouen om te ontdekken hoe een stoomlocomotief werkt!

Het schuurtje van Billancourt!Het staat er nog; de laatste stille getuige van waaruit in 1898 alles is begonnen, waar de kiemen liggen van de vierde grootste autofabrikant van de wereld. Louis Renault wist toen nog niet welke gigantische industriële grootmacht hij zou grondvesten vanuit dit schuurtje.

Louis Renault in werkplaats. Deze foto stamt is van rond 1900

Hij is pas net 13 als hij bij Leon Serpollet aan het stuur van een stoomwagentje de vuurdoop krijgt. De oude Serpollet kan de nieuwsgierige jonge Renault niet weerstaan! Een jaar later bedelt Louis Renault net zo lang bij zijn vader tot hij hem een oude Panhard motor koopt. Urenlang knutselt hij in het schuurtje achter het landhuis in Billancourt aan het oude motorblok.Aan “Place de Victoires” hoopt men dat de militaire dienst de verstokte, leerluie dwarsligger zal leren het uitvinden te vergeten. Maar alle hoop is tevergeefs! Hij spaart zijn soldij op om, bij toeval, een “De Dion-Bouton” 3/4pk motorblokje te kopen. Op zijn 21ste neemt hij 2 mensen in dienst en werkt onvermoeibaar door om zijn “De Dion” om te bouwen. Hij vervangt de versnellingsbak door ZIJN uitvinding van een directe aandrijving (“Prise-direct”), een aandrijving met directe schakeling.

Op een novemberavond in het jaar 1898 onderneemt Louis Renault zijn eerste plezierritje met een door hem aangepast vierwielig motorvoertuig onder de platanen van Boulogne-Billancourt. Hij draag hierbij zijn pak en hoed. Zijn gevoelige handen en de door het smeervet aangevreten vingernagels verstopt hij in witte handschoenen. Hij brengt zijn prototype op een voor die tijd ongelooflijke snelheid van bijna 50 km/h. Parijs, 24 december 1898. Terwijl Parijs volledig in kerstsfeer is, kunnen de verbaasde voorbijgangers aan het Montmartre de tweede testrit van zijn prototype bewonderen. Het kleine wagentje neemt de indrukwekkende helling op de “Rue Lepic” langzaam maar standvastig. Op kerstavond al krijgt Louis Renault opdrachten voor de bouw van 12 type A genaamde voertuigjes. De geboorte van het Renault concern is een feit!

Louis Renault tijdens een rit met het type A. De foto komt waarschijnlijk uit 1898.

Een foto uit de schijnbare gelukkige tijd. Maar schijn bedriegt want het echtpaar is sinds lange tijd uit elkaar gegroeid. Zoon Jean Louis zal het erfgoed van zijn vader stukje bij beetje in vreemde handen zien overgaan. Deels veroorzaakt door de oorlog ’40-’45, maar ook vanwege enkele zakelijke misstappen en zijn hoge levensstandaard.

Echter, Louis Renault moet ook veel geduld hebben. Technische problemen blijven hem achtervolgen, maar hij geeft niet op tot hij een oplossing heeft en zet onverstoorbaar zijn eigen wil door. Zelfs tijdens de grote stakingen van 1912 en 1913 laat hij zich niet ompraten. En zo is Louis Renault ook in privé omstandigheden. In 1918 trouwt hij met Christiane, de dochter van een Parijse notaris die echter uit een totaal andere wereld komt. Ze houdt van kunst, theater, muziek en literatuur, dingen die haar echtgenoot wereldvreemd zijn. Gezamenlijke vrienden zijn er niet en beiden hebben ze verschillende affaires, iets wat hun nog verder uit elkaar drijft. Hun huwelijk brengt wel een zoon voort: Jean Louis Renault. 

De familieman Louis Renault bestaat amper. Voor hem telt alleen zijn levenswerk; het bedrijf waar hij dag en nacht mee bezig is. Zijn personeel beziet zijn enorme uithoudingsvermogen met angst en respect. Regelmatig werkt hij nachtenlang door om oplossingen te vinden.

Een van de vele anekdotes over Louis Renault beschrijft het volgende voorval: Tijdens een van zijn nachtelijke dolingen door de fabriek overvalt Louis Renault een werknemer die tijdens de nachtdienst in slaap gevallen is. Als hij vraagt naar het waarom antwoordt de slaapdronken medewerker, die zijn baas niet herkent: “Ik zit hier mijn tijd uit!” De volgende ochtend zou Louis Renault voor de hele afdeling een korting van 10% op het loon geëist hebben. In de jaren ’30 vraagt men aan Renault waarom hij zonder onderbreking, zonder vrije tijd of vakantie als een bezetene werkt. Zijn antwoord is simpel: “Ja, wat wil je? Ik kan mijn werknemers toch niet alleen laten!”  

In 1898, Louis is dan 21, ontwikkelt hij zijn directe aandrijving en de cardanas. Deze uitvindingen vormen de basis voor het wereldconcern. Renault voorziet de “De Dion 3-wieler” van een vierde wiel, een speciaal frame en een nieuwe krachtoverbrenging zonder de voorheen gebruikelijke riemen en kettingen, waardoor de hoogste versnelling direct beschikbaar is. Ook de secundaire aandrijving geschiedt via een starre as, of te wel de cardanas! Deze uitvinding gaat als eerste “aandrijving zonder ketting” de automobiel geschiedenis in! Een geniale uitvinding waarvan de licentie-inkomsten de zelfstandigheid van het jonge bedrijf zekerstellen. Daar komt nog bij dat Louis Renault autodidact is, hij heeft nooit een ingenieursschool of iets dergelijks gevolgd. Regelmatig uit hij zijn twijfels over de elite hogescholen in Frankrijk, inclusief haar ingenieurs. Ondanks zijn grote talent zal hij nooit een opleiding tot ingenieur voltooien. Theorie boeit hem niet. Hij is een man van de praktijk en het toelatingsexamen voor de “Ecole Centrale” haalt hij niet. Nadat hij in 1897 als 20 jarige een stoomgenerator bouwt neemt de licentienemer van het patent, Delaunay-Belleville, hem toch aan als constructie tekenaar. Dankzij dit werk haalt Louis Renault toch nog een vakdiploma.

Een van de door Louis Renault gemaakte schetsen van zijn “Directe aandrijving zonder ketting” met door hemzelf geschreven notities.

 

 De fabriek van Renault Frères

Renaults eerste autorace

Louis Renault is een man van de techniek. Hij wijst elke verkoper de deur. Dankzij zijn koppigheid lukt het hem telkens weer te winnen in doorslaggevende situaties, iets wat vandaag de dag nog als voorbeeld zou kunnen dienen voor een geslaagde marketing strategie! Al snel heeft Louis Renault een neus voor de markt. In 1905 brengt hij het tot massaproducent na het binnenhalen van een order van maar liefst 250 voertuigen voor een Frans taxibedrijf. Van massamotorisering was nog geen sprake en de taxibedrijven waren met een grote vloot de grootste afzetmarkt voor autoproducenten. Louis Renault had dat al snel in de gaten! Niet alleen in Parijs maar ook in andere grote Europese steden zoals Londen, Berlijn en Kopenhagen bepaalden Renault taxi’s het straatbeeld. En niet alleen dat, want vanaf 1914 worden de Renault taxi’s wereldberoemd! Bij het begin van de eerste wereldoorlog worden 1200 Parijse taxi’s in beslag genomen door de overheid, op een enkeling uitgezonderd na allemaal van het type AG, om 6500 soldaten naar het front aan de Marne te brengen. En zo gaat de Renault type AG de geschiedenis in als “Taxi de la Marne”, ofwel de Marne taxi.

De Marnetaxi, RENAULT Type AG

 

In beslag name van de Parijse taxis door de autoriteiten

De RENAULT „Marne-Taxis“ brengen de Soldaten naar het front

Louis Renault gaat het ook na de eerste wereldoorlog voor de wind. Heel bewust kiest hij voor een breed modellenprogramma. Toentertijd was zijn imperium een van de grootste van Europa, zo niet dè grootste! In de jaren twintig blijkt dan ook dat deze strategie de juiste is. De economische crisis laat alleen hen overleven die een uitgebalanceerd type programma hebben, beschikken over een stevige financiële bodem en over het juiste inschattingsvermogen inzake de ontwikkelingen in de markt. Louis Renault heeft alles goed voor elkaar! Meteen na de grote oorlog waagt Renault de stap naar de luxeklasse. Geheel onverwachts verovert hij de markt van de “rijken en mooie”. Allemaal te danken aan de nieuwe Renault 40CV met een kolossale 9,1 liter motor. En Renault blijft trouw aan deze serie. Ook de opvolger Reinastella is een machtige auto, maar dat geldt ook voor de Suprastella, Nervastella en Viva Grand Sport deze modellen zorgen voor een vast marktaandeel in het luxe segment. Maar ook de auto’s voor het volk worden zeker niet verwaarloosd door Renault. Renault levert alles van wendbare taxi’s en middelklasse modellen tot en met de meest luxueuze limousines van het “palais-Elysée”.

Echter deze ontwikkeling is niet alleen voor het concern belangrijk. Ook voor Louis Renault persoonlijk is het een bevestiging voor hem als technicus en constructeur. Renault heeft de automobielindustrie vele dingen gegeven. Vooral inzake veiligheid heeft Renault enkele uitvindingen gedaan, o.a. een voorloper van veiligheidsgordels en trommelremmen-behuizing. Ook de inschroefbare bougie is een patent van Louis Renault!

LOUIS RENAULT in 1919

FT-tanks voor de 1e en 2e wereldoorlog

1938

Louis Renault is rusteloos en erg fanatiek bezig met het doorvoeren van vernieuwingen in de fabrieken om nog efficiënter te werken. Al in 1919 begint, met de introductie van de kleine 10CV, de eerste lopende band productie buiten de USA. Maar buiten dat lijkt de 10CV wel erg veel overeenkomsten te hebben met de T-Ford. Louis Renault was namelijk van te voren al afgereisd naar de USA om daar de fabrieken van Henry Ford te bezichtigen. Louis Renault was diep onder de indruk! De industriële grootmacht Renault had maar één principe, en dat was onafhankelijkheid! Zowel in industrieel als in materieel opzicht. Er wordt zelfs beweerd dat Renault al in 1918 tegenover zijn vaste personeel zei: “De eerste die hier over geld begint, wordt op staande voet ontslagen!” Hij kon het zich schijnbaar veroorloven! Zijn patent op de “Prise-direct” vormde de basis van zijn onafhankelijkheid. Hier op voortbordurend ontstond een goede modellen strategie en een zowel tactische als vooruitziende zakenstrategie. Renault laat in zijn fabrieken alles produceren wat nodig is. Zowel zijn stroombehoefte als het staal produceert hij zelf. Van putdeksels tot het kantine bestek! Daarbij ontziet hij niets of niemand van alle machtige en groten uit Frankrijk. Precies volgens het rijtje weigert Louis Renault in 1935 de banden bij Michelin te halen. Michelin heeft al in de jaren ’30 meer en meer aandeel in Citroën verkregen, een van de grootste concurrenten van Renault. Louis Renault is nou eenmaal een eigenzinnig persoon. Hij wil niet langer afhankelijk zijn van leveranciers die hem prijzen en regels dicteren die niet in zijn profiel passen.

 

1938. Louis Renault bevindt zich op het hoogtepunt van zijn succes. Alles lijkt helemaal voor elkaar te zijn. Bij Renault, in Frankrijk en in de wereld! Maar het onheil is niet tegen te houden. Gedurende het uitbreken van de 2e wereldoorlog is Louis Renault opnieuw op bezoek bij Henry Ford in Amerika. Als hij daarvan terugkeert treft Louis Renault zijn fabriek aan in handen van de Nazi’s. Het Duitse leger had zogezegd in een mum van tijd Frankrijk bezet. Het eerst werden diverse grote industriële bedrijven bezet. De fabriek van Renault werd overgenomen. Mensen van Mercedes-Benz waken over de gang van zaken in Billancourt. Louis Renault staat voor de zwaarste en meest ingrijpende beslissingen ooit. Elke vorm van tegenstand had de onmiddellijke afbraak van zijn fabrieken betekend. En dus besluit Louis Renault dan maar het beste ervan te maken. Hij volgt alle bevelen op van de Gestapo, die hem kortstondig in hechtenis namen, en hem duidelijk maakten hun van zijn volledige medewerking te overtuigen. De Nazi’s hebben een makkie aan Louis Renault want hij ziet zijn levenswerk in groot gevaar verkeren en duizenden werknemers werkloos worden. Ergens zal het ooit wel weer normaal verder gaan hoopt hij. Hij geeft toe. Hij geeft toe aan alles wat hem wordt opgelegd. Elke productie van eigen auto’s is absoluut verboden. Alleen 2 vrachtwagen productielijnen mogen worden gebruikt voor het vervaardigen van voertuigen voor het Duitse leger. Verder mogen er alleen reparaties aan de militaire voertuigen van het Duitse leger worden gedaan.

Hiermee is de fabriek van Renault een strategisch oorlogsobject voor de Duitsers en daardoor meteen ook een doelwit voor de geallieerde luchtmachten. In 1942 vinden de eerste aanvallen op de fabrieken plaats. Ondanks dat Louis Renault zich had overgegeven aan de Duitsers werd er, ondanks het absolute verbod, in het diepste geheim aan 2 prototypes gewerkt. Maar de nu ontstane mentale druk was erg belastend voor Louis Renault. Het in het geheim begonnen project 11CV, waar later de Frégate uit ontstond, word helemaal gestopt en het 4CV project word niet van ganser harte voortgezet. Louis Renault hamert er op dat de levertijden aan het Duitse leger nageleefd worden. In maart, september en december 1943 worden de fabrieken opnieuw gebombardeerd en aanzienlijk beschadigd. Oog-getuigen vertelden hoe Louis Renault volledig van de kaart door de vernielde fabriekshallen liep. De fabrieken, ZIJN fabrieken, waren verwoest. Louis Renault zou zijn verstand verliezen.

Na het bombardement in 1942

Project 4cv

Eerste na-oorlogs studie model, de 4cv

Was dat dan het einde?

In februari 1944 werd Louis Renault ernstig ziek. Hij kan amper nog praten, al zwijgend zijn schetsen en tekeningen makend. Renaults droom was het om buitenaf te wonen en apparaten te ontwerpen en nieuwe machines uit te vinden, maar zou deze slag nooit meer te boven komen. Op 28 augustus werd Louis Renault voor het laatst in het openbaar gezien. Hij was toen bij de begrafenis van een ingenieur die door de zware bombardementen om het leven kwam. Op 23 september geeft Louis Renault zich aan bij de autoriteiten, dit op aanraden van een bevriende advocaat. Men verwijt hem collaboratie met de Duitse bezetters, want Renault had er alles aan gedaan zijn levenswerk te sparen en zijn medewerkers van werk te voorzien en dus alle medewerking verleend aan de Duitsers. Maar de geallieerden zagen dat toch anders. Ook Frankrijk keert Louis Renault de rug toe. Enkele dagen voor zijn arrestatie kopte een grote krant: “Renault nog altijd op vrije voeten, maar hoe lang nog?”

Op 24 oktober 1944 sterft Louis Renault.

Onder welke omstandigheden is tot op de dag van vandaag nog steeds een raadsel. Of de oorzaak nou zijn ziekte was of dat het door mishandeling en foltering gedurende zijn gevangenschap kwam, of een vergiftiging wat ook lange tijd gezegd werd, zal vooraltijd in het ongewis blijven. 

Een ding is zeker, op 24 oktober 1944 verloor Frankrijk een van zijn grootste mensen allertijden. Renault was toen de grootste werkgever van het land en tot in lengte van jaren gold het volgende: wanneer Renault nieste, kreeg heel Frankrijk de griep, of wel het was duidelijk hoeveel impact Louis Renault had op Frankrijk. Een ding zou Louis Renault nog een troost hebben kunnen bieden; zijn levenswerk was niet ten einde, zijn bedrijf werd genationaliseerd en groeide in alle volgende jaren verder na zijn dood. Maar dat is een nieuw hoofdstuk, het hoofdstuk van de

“Régie Nationale des Usines RENAULT”!


 

De fabriekspoort van de Firma “RENAULT Frères”. De foto komt uit 1906.

Marcel, Louis en Ferdinand Renault, de "Renault Frères"

De rest van de tekst volgt!

 

 

Renault FT-17 tank

Farman mf-7 mf11 Renault 1910

 

Een RENAULT dealer in Tokyo. Foto komt uit 1910.

 

Marcel Renault

Ferdinand Renault

 
 

 

 


De Régie

Pierre Lefaucheux

 

Lefaucheux bij zijn eerste nieuwe produkt: De RENAULT 4CV

De Renault 4cv zo uit de fabriek klaar voor de klanten

Renault op de Parijse autotentoonstelling in 1946

Fabrikage van de 4cv en de Juvaquatre Dauphinoise

 

 

Renault AHS 1940

Renault R35 tank

Renault 4cv "Mot de buerre" (boterklomp)

Project 108

Renault Frégate

 
 

 

PIERRE LEFAUCHEUX

* 30.06.1898   + 11.02.1955

De auto waarin Lefaucheux in verongelukte.

 

 

Pierre Dreyfus

 

Pierre Dreyfus

Saviem JL 25, 1957

De Floride, die later geheel volgens de scheepvaarts terminologie Caravelle zal gaan heten.

 

  

Pierre Dreyfus

De Dauphines staan klaar om naar de USA verscheept te worden.

 
 

Renault Dauphine Ondine Alfa Romeo

 

De Renault 10, de luxueuze variant van de R8. Zijn debuut sneeuwde volledig onder langs de legendarische R16.

 

R16 onderweg naar de Renault dealers

Dacia 1300 1970

 

 

 

PIERRE DREYFUS

*18.11.1907  +1994

Bernard Vernier-Palliez

 

Berliet TR350 1978

PRV V6 Motor

BERNARD VERNIER-PALLIEZ

*1918

+18.12.1999

 

Bernard Hanon

 
 

LOUIS RENAULT, PIERRE LEFAUCHEUX, PIERRE DREYFUS, BERNARD VERNIER-PALLIEZ, BERNARD HANON, GEORGES BESSE, RAYMOND LEVY und LOUIS SCHWEITZER!

Raymond Levy

Louis Schweitzer

 

Carlos Ghosn

Carlos Ghosn

Nissan Primastar

 

 

Renault 2008: Laguna GT

2009: Laurens van den Acker, Senior Vice President of Corporate Design bij Renault als opvolger van Patrick le Quément en uit dien hoofde verantwoordelijk voor het ontwerp van de auto's.


 
     
       
   

©2004-2014 Renaultoloog - ©Andreas Gaubatz, Renault Klassik e.V, R.A.U.T.E.